Voor een kippenscaarrelplek in Nederland werk je het beste met een robuust sportveldmengsel op basis van Engels raaigras, veldbeemdgras en blank" rel="noopener noreferrer">roodzwenkgras. Een gras koemest is vooral relevant bij het bemesten en het doseren van voeding voor de scharrelstrook Engels raaigras. Die combinatie overleeft krabtanden en nagels beter dan een normaal siergazon, groeit snel dicht en herstelt zichzelf. Maar eerlijk: geen enkel gras overleeft onbeperkt kippenverkeer. De sleutel zit in rotatie, de juiste hoogte aanhouden en tijdig doorzaaien.
Gras voor kippen: aanleg, onderhoud en veilige scharrelplek
Scharrelplek of voer: wat bedoel je precies met 'gras voor kippen'?
Er zijn eigenlijk twee dingen die mensen bedoelen als ze zoeken naar gras voor kippen. Het eerste is een scharrelplek: een stuk gazon of strook grond buiten de ren waar kippen vrij kunnen rondlopen, krabben, pikken en stofbaden. Het tweede is gras als voer: pluimen gras of jong grasgroen dat je naar de ren brengt als aanvulling op het rantsoen. In de praktijk is het voor de meeste tuinbezitters in Nederland een mix van beide.
Als scharrelplek stelt gras hele andere eisen aan je aanpak dan een siergazon. Kippen krabben de bodem los, drukken de zode plat en laten mesthopen achter. Dat is niet per se slecht: het loskrabben brengt lucht in de grond, helpt mestresten sneller uitdrogen en geeft parasieten minder kans. Maar als de belasting te hoog wordt, heb je binnen een paar weken kale, modderige plekken.
Als voer kun je pluimen verse grashalmen (niet langer dan 5 cm) snijden of een stukje perceel laten kiemen en aanbieden. Kippen kunnen gras eten als het als jong gras of pluimen in kleine stukjes wordt aangeboden, zodat het geen kale modderplekken veroorzaakt koe eet gras. Denk daarbij aan de kippenren-inrichting: een uitloper van de ren naar een grasveldje werkt veel beter dan de hele tuin opengoooien.
Op deze site richten we ons op het gazon- en graslandbeheer: hoe zorg je dat de scharrelstrook er goed bij blijft staan, met dezelfde principes die ook gelden voor sportvelden en speelgazons, maar dan aangepast aan de specifieke last die kippen met zich meebrengen.
Welk gras (of alternatief) overleeft kippen het beste?

Niet elk gras is even geschikt voor een plek waar kippen dagelijks overheen lopen en scharrelen. Je wilt een grasmat die snel herstelt, goed bestand is tegen betreding en snel genoeg groeit om kale plekken te vullen voordat ze een modderpoel worden.
De beste grassoorten voor een scharrelstrook
- Engels raaigras (Lolium perenne): snelle kieming, stevig, herstelt goed na betreding. De ruggengraat van elk sportveldmengsel en de beste keuze voor een kippenstrook.
- Veldbeemdgras (Poa pratensis): groeit via uitlopers, vult kale plekken op, goed bestand tegen verdichting. Iets trager van start dan raaigras, maar op de lange termijn erg waardevol.
- Roodzwenkgras (Festuca rubra): houdt goed stand in koudere periodes en bij minder vruchtbare grond. Geschikt als aanvulling, met name op lichtere of drogere plekken.
Een kant-en-klaar speel- of sportgazonmengsel met een combinatie van deze drie soorten is voor de meeste tuinen in Nederland de makkelijkste keuze. Zulke mengsels zijn erop gericht een dichte zode te vormen die het hele jaar door kleur houdt en trampling aankan. Kijk op de verpakking of Engels raaigras de hoofdsoort is (minimaal 40 tot 50 procent); zo ja, zit je goed.
Alternatieven als gras het niet redt
In een kippenren waar kippen permanent verblijven, redden zelfs de sterkste grasmengsels het uiteindelijk niet. Dan zijn er goede alternatieven. Stro of houtkrullen geven kippen een droge, zachte ondergrond om in te krabben en stofbaden, zonder de complicaties van een levende grasmat. Klaver (witte klaver) is winterhard, stikstofdicht en herstelt goed, al vraagt het ander maaibeheer. Een mix van kort gras met een zone losse aarde of zand geeft kippen wat ze van nature willen: een droge stofbaadplek en een vochtige scharrelhoek. Houd die zones gescheiden, dan beheer je elk deel op zijn eigen manier.
| Optie | Voordelen | Nadelen | Beste voor |
|---|---|---|---|
| Sportveldmengsel (raaigras + veldbeemd + roodzwenk) | Snel dicht, goed herstel, stevig | Overleeft geen permanente kippenbelasting | Rotatiesysteem met wisselstroken |
| Witte klaver | Stikstofbinding, hardnekkig, aantrekkelijk voor kippen | Kan uitdijen, vraagt ander maaigedrag | Aanvulling op grasmat of volledig klaverveld |
| Stro/houtkrullen | Droog, zacht, krabvriendelijk | Geen voedingswaarde, moet ververst worden | Vaste renzone waar geen gras groeit |
| Losse aarde/zandzone | Stofbaden, natuurlijk gedrag | Geen gras, kan modderig worden bij regen | Aparte zone naast grasstrook |
Mijn aanbeveling: gebruik een sportveldmengsel op de scharrelstrook buiten de ren, en zorg binnen de ren voor een zone met losse grond of stro. Zo geef je de grasmat buiten de kans om te herstellen terwijl de kippen toch kunnen doen wat ze van nature doen.
Aanleg van een kippenstrook: bodem, zaaien en inrichting

Bodemvoorbereiding
Een goede start begint ondergronds. Kippen verdichten de bodem snel, dus drainage is van het begin af aan cruciaal. Is de bodem zwaar (kleiig) of slecht doorlatend, werk er dan wat scherp zand en compost doorheen voor de aanleg. Schep de bovenste 10 centimeter los, verwijder wortels en stenen, en hark het vlak. Meet eventueel de pH: gras groeit het beste bij een pH tussen 6 en 7. Is de pH lager, strooi dan wat kalk. Dit is precies hetzelfde advies als voor een regulier sportveld of speelgazon.
Zaaien: wanneer en hoe

De beste periodes voor zaaien in Nederland zijn april/mei en augustus/september. Graszaad kiemt het best bij een bodemtemperatuur van 10 tot 20 graden Celsius. Let ook op dat bij warm weer en voldoende vocht de gras kiemen sneller, zodat je nieuwe zoden eerder gesloten zijn Graszaad kiemt. Zaai op een diepte van 0,5 tot 1,5 centimeter en druk het zaad licht aan (met de achterkant van een hark of een lichte rol). Beregening is de sleutelfactor na het zaaien: houd de bodem de eerste twee weken consequent vochtig, anders kiemt het zaad ongelijkmatig. Wacht minimaal zes tot acht weken na het zaaien voordat kippen de strook betreden.
Inrichting: zo houd je het beheersbaar
De inrichting bepaalt voor een groot deel hoeveel werk je hebt. Verdeel de scharrelruimte in minstens twee stroken of percelen. Terwijl de kippen op het ene perceel scharrelen, kan het andere rusten en herstellen. Dit rotatieprinciep is de enige manier om een levende grasmat op de lange termijn te handhaven. Gebruik gaas of een licht hek om de percelen te scheiden en af te wisselen om de twee tot vier weken, afhankelijk van de groeisnelheid van het gras. Zorg ook dat voer en water niet direct op de grasmat staan: dat zijn plekken waar mest zich snel ophoopt en waar de grasmat het snelst kapotgaat.
Onderhoud door het seizoen: maaien, hoogte, bemesten en doorzaaien

Maaihoogte en maaifrequentie
Houd de grasmat op de scharrelstrook op een hoogte van circa 5 tot 8 centimeter. Dat is iets hoger dan een siergazon, maar lager is risicovol: kippen pikken de grasmat kaal als er weinig groene massa is. Maai nooit meer dan een derde van de graslengte in één keer af. Maai je te kort, dan stresseer je het gras en verdrogen de wortels sneller. In het groeiseizoen (april tot en met september) maai je ruwweg elke één tot twee weken; in de herfst en winter minder of niet.
Bemesten: ja, maar voorzichtig
Kippen produceren al mest, dus je zou denken dat extra bemesting niet nodig is. Toch is het gras op een scharrelstrook vaak juist voedingsstofarm op sommige plekken en overvoed op andere. De mest van kippen is geconcentreerd en valt ongelijkmatig. Strooi in het voorjaar (maart/april) een laag gazonmest uit op het rustende perceel, ongeveer 200 gram per vierkante meter als richtlijn, en pas de exacte dosering aan op basis van de productaanwijzingen. Bemest niet op percelen die kippen actief gebruiken: het risico op overconsumptie en chemische verbranding van de zode is dan groter. Test de pH jaarlijks en corrigeer indien nodig.
Beluchten en verticuteren
Door de constante betreding en het krabgedrag verdicht de bodem snel. Beluchten (ook wel topbeluchten genoemd) brengt lucht en zuurstof in de verdichte bovenlaag zodat water, voeding en licht beter bij de wortels komen. Doe dit op het rustende perceel, bij voorkeur in het voorjaar (maart tot mei) of vroege herfst. Gebruik een beluchter met pennen of een prikrol en werk de gaatjes daarna in met wat zand of compost. Verticuteren verwijdert de viltlaag van afgestorven plantendelen en mos; doe dit tussen maart en september, als het gras actief groeit.
Doorzaaien
Kale plekken die zijn hersteld na rotatie, zaai je direct in. Gebruik hetzelfde sportveldmengsel als bij de eerste aanleg. Rits de kale plek met een hark los, zaai, druk aan en beregeen. In april/mei en augustus/september is de kiemkans het grootst. Houd de herstellende strook vier tot zes weken dicht voor kippen.
Seizoensoverzicht
| Periode | Actie |
|---|---|
| Februari/maart | Bodem controleren, pH meten, eerste beluchtingsronde op rustend perceel |
| April/mei | Bemesten, doorzaaien kale plekken, rotatiewissel, beregening opstarten |
| Juni/juli/augustus | Regelmatig maaien (elke 1 à 2 weken), rotatiewissel, water geven bij droogte |
| Augustus/september | Tweede zaaimoment, verticuteren, doorzaaien, najaarsbemesting |
| Oktober/november | Maaifrequentie afbouwen, percelen rusten laten, bodem indien nodig verbeteren |
| December/januari | Rust, eventueel planning voor volgend jaar, nieuwe zaad bestellen |
Kale plekken, mos en klaver: wat doe je ermee?
Dit zijn de drie meest voorkomende problemen op een scharrelgazon, en ze hebben allemaal een andere oorzaak en aanpak.
Kale plekken door vertrapping
Kale plekken zijn bijna altijd een teken van te hoge belasting zonder voldoende hersteltijd. De oplossing is het rotatiesysteem consequenter toepassen. Sluit de kale strook af, belucht de bodem, strooi zaad en beregeen. Als de grond hard en verdicht is, prik hem dan eerst los voor je zaait. Let er ook op dat voer en water niet steeds op dezelfde plek staan: verplaats die regelmatig.
Mos
Mos verschijnt als de bodem te nat, te zuur of te verdicht is, of als het gras te ijl staat om concurrentie aan te gaan. Op een scharrelstrook is verdichting de meest voorkomende oorzaak. Belucht de bodem, verticuteer de moslaag eruit en zaai daarna bij. Controleer ook de pH: bij een te lage pH (onder 6) heeft kalk snel effect. Gebruik geen chemische mosmiddelen op percelen waar kippen op scharrelen.
Klaver
Klaver is op een scharrelstrook eigenlijk geen probleem, eerder een voordeel. Het fixeert stikstof, is een taaie bodembedekker en kippen eten het graag. Kippen eten gras wel, maar het maakt het belang van een goed beheerde scharrelstrook niet kleiner kippen eten het graag. Als klaver te dominant wordt, maaier dan iets vaker en zaai gras bij om de grasmat te verdichten. Wil je klaver echt terugdringen, kies dan voor een gras dat snel en dicht groeit zodat de klaver vanzelf minder ruimte krijgt. Chemische bestrijding is op een kippenstrook af te raden.
Giftige planten

Controleer de scharrelstrook op planten die giftig zijn voor kippen, zoals vingerhoedskruid, taxus, clematis en jakobskruiskruid. Verwijder die handmatig. Een dichte, gezonde grasmat laat minder ruimte voor ongewenste kruiden, dus het beste preventieve middel is een goed gesloten zode.
Hygiëne en veiligheid: mest, parasieten, rotatie en middelen
Dit onderdeel wordt door veel kippenhouders onderschat. Gras voor kippen, zoals koffieprut gras, is vooral handig als je het als grasachtige bodembedekker of aanvullende groenvoer wilt inzetten. Een scharrelstrook met kippen is een omgeving waar ziektekiemen en parasieten zich snel kunnen opstapelen als je er niet actief mee omgaat.
Rotatie als hygiënemaatregel
Rotatie is niet alleen goed voor het gras, het is ook de effectiefste maatregel tegen parasietopbouw. Coccidiose-oöcysten kunnen na sporulatie direct nieuwe kippen infecteren via de omgeving. Door percelen regelmatig te wisselen en te laten drogen in de zon, verminder je de infectiedruk aanzienlijk. Zorg dat kippen nooit te lang op hetzelfde stuk grond blijven, zeker niet bij nat, bewolkt weer.
Mest: regels en risico's
Kippenmest is stikstofrijk en kan de grasmat verbranden als het te geconcentreerd op één plek valt. Verplaats drinkbakken en voerbakken regelmatig. Ruim zichtbare mestophopingen op, met name rondom voer- en waterplekken. Als je kippenmest wilt gebruiken om je grasmat te bemesten, composteer het dan eerst minimaal zes maanden voor je het uitrijdt. Om hygiëne en gezondheid te borgen, kun je daarnaast zorgen dat gras en poep niet in contact komen met je koeken of ander voer, zodat besmetting via mest wordt voorkomen gras en poep koekjes. Houd je daarbij aan de regels rondom mestgebruik: de hoeveelheid dierlijke mest die je per hectare mag uitrijden is gebonden aan Nederlandse mestwetgeving, afhankelijk van grondsoort en grondgebruik.
Wormen en parasieten: herkennen en aanpakken
Darmwormen bij kippen worden opgepikt via de omgeving: via modder, regenwormen, insecten en verontreinigd water. Op een scharrelstrook is het risico groter dan in een zuiver binnenverblijf. Doe bij twijfel een mestonderzoek via een dierenarts of het GD voordat je ontwormt. Ook kippen die gras en aarde eten, kunnen daardoor hun maag-darmstelsel prikkelen, dus let op de belasting en houd de ondergrond zo schoon en droog mogelijk pup eet gras en aarde. Behandel alleen op maat en op advies, want onnodige wormmiddelen kunnen residuen achterlaten en de weerstand van je dieren beïnvloeden.
Wat je niet mag gebruiken op een kippenstrook
- Geen chemische onkruidbestrijdingsmiddelen (herbiciden) op percelen waar kippen komen: veel middelen zijn toxisch voor pluimvee of worden opgenomen via bodembacteriën.
- Geen chemische mosmiddelen op actieve scharrelstroken.
- Geen snelwerkende kunstmest direct voor of tijdens het kippengebruik: risico op opname via pikken en inademen.
- Geen compost of mest uitrijden die niet volledig gerijpt is: gistende mest trekt ongedierte aan en kan ziektekiemen bevatten.
Wachttijden
Na bemesting met kunstmest of onbehandelde compost: houd kippen minimaal twee tot vier weken van het perceel. Na het gebruik van een middel (ook biologisch): lees altijd het etiket en hanteer de veiligheidsperiode die de fabrikant aangeeft. Na doorzaaien: wacht minimaal vier tot zes weken voor je kippen toelaat, zodat het jonge gras zich kan vestigen.
Wat je vandaag en deze maand nog kunt doen
Het is eind mei 2026. De bodemtemperatuur in Nederland ligt nu comfortabel boven de 10 graden Celsius, het groeiseizoen is in volle gang. Dit is wat je nu kunt doen.
Direct starten (vandaag of deze week)
- Verdeel je scharrelruimte in twee percelen en sluit één perceel af zodat het kan herstellen.
- Inspecteer de grasmat: zijn er kale plekken, mos of verdichte plekken? Noteer dit.
- Prik verdichte kale plekken los met een beluchter of greep en strooi een sportveldmengsel (raaigras, veldbeemd, roodzwenk) over de kale zones. Druk aan en beregeen.
- Verplaats voer- en waterbakken naar een andere plek als ze al weken op dezelfde locatie staan.
- Maai het gras op het actieve perceel naar 6 à 7 centimeter als het hoger is dan 10 centimeter.
Deze maand (juni)
- Beregeen het doorgezaaide perceel elke dag of om de dag als het niet regent. Droog zaad kiemt niet.
- Doe een eerste rotatiewissel na twee tot drie weken: laat de kippen op het herstelde perceel en sluit het beschadigde perceel.
- Bemest het rustende perceel licht met een gazonmest (circa 200 gram per m²) als je dat in het voorjaar nog niet hebt gedaan.
- Controleer op giftige kruiden bij het inzaaien en verwijder ze handmatig.
- Plan een mestonderzoek via je dierenarts als de kippen tekenen van wormen vertonen (dunne mest, gewichtsverlies, bleke kammen).
Met een rotatiesysteem, de juiste graskeuze en consequent onderhoud houd je een scharrelstrook het hele jaar door in goede staat. Het vraagt meer aandacht dan een gewoon gazon, maar de aanpak is grotendeels hetzelfde: goede bodem, de juiste graszaadmix, op tijd maaien en doorzaaien, en af en toe beluchten. Het verschil zit hem in de regelmaat en het hygiënemanagement rondom de kippen.
FAQ
Hoe lang moet ik wachten met kippen op gras na het zaaien, en waarom is dat belangrijk?
Wacht minimaal 6 tot 8 weken na het zaaien voordat de kippen de strook betreden. Dat geeft het jonge gras tijd om wortel te schieten en een gesloten zode te vormen, anders worden de kiemplanten snel losgekrabd en krijg je kale, modderige plekken (waar vervolgens parasieten en ongewenste groei makkelijker grip krijgen).
Kan ik gras direct na het bemesten toelaten, of moet ik ook daar een wachttijd aanhouden?
Ja, houd een wachttijd aan. Na bemesting met kunstmest of compost is een periode van 2 tot 4 weken verstandig voordat kippen opnieuw op diezelfde percelen komen, ook omdat geconcentreerde mest en voedingsstoffen de grasmat kunnen verbranden en omdat jonge scheuten extra kwetsbaar zijn.
Welke hoogte is precies het veiligst voor gras voor kippen (en wat als ik lager maai)?
Richt op circa 5 tot 8 cm maaihoogte. Ga je lager dan ongeveer 5 cm, dan is er minder buffer van blad en kunnen kippen de zode bij pikken en krabben sneller kale plekken trekken, vooral in perioden met weinig herstelgroei (bij koudere of drogere omstandigheden).
Hoe groot moeten de percelen of stroken zijn voor rotatie, en wat is de praktische grens?
Werk met minimaal twee percelen, idealiter zo dat het ene kan herstellen terwijl het andere in gebruik is. Als de kippen dezelfde strook binnen 2 tot 4 weken weer volledig kaal maken, is dat een signaal dat je de percelen groter moet maken of de rotatiefrequentie moet verhogen (en eventueel ook de graskeuze of ondergrond moet bijsturen).
Is doorzaaien alleen nodig als het gras kaal wordt, of kan ik preventief bijzaaien?
Preventief bijzaaien kan, zeker als je merkt dat de zode steeds dunner wordt. Zaai dan direct aansluitend op een periode met goede groei (april/mei of augustus/september) en houd kippen tijdelijk weg van de herstellende strook (4 tot 6 weken), zo voorkom je dat kale plekken eerst uitgroeien tot modderzones.
Kan ik ook klaver gebruiken, of gaat het ten koste van het gras en de scharrelplek?
Klaver is meestal juist gunstig, het herstelt goed en kippen eten het graag. Het wordt alleen een aandachtspunt als het te dominant wordt en het geheel te ongelijk gaat groeien of als je te veel onkruaddruk krijgt. Dan maai je iets vaker en zaai je gras bij om de grasmat te verdichten, chemische middelen op een kippenstrook zijn af te raden.
Mijn scharrelplek wordt vooral rond voer- en drinkplekken kaal, wat is daar het beste antwoord op?
Maak voer en water niet direct op dezelfde grasmat-plek, kies liever voor een verharde of afgebakende randzone (met losse grond, zand of een strostrook ernaast) zodat mest en vocht niet steeds op het gras landen. Verplaats voer- en drinkpunten regelmatig, en ruim mestophopingen sneller op om verdichting en verbranding van gras te beperken.
Wat als mijn bodem heel nat is, en het gras blijft maar mos krijgen?
Pak het probleem aan in volgorde: eerst verdichting verminderen (beluchten, en indien nodig verticuteren), daarna pH en zuurgraad controleren, en pas als de ondergrond beter doorlaat is bijzaaien. Bij blijvend nattigheid werkt een levende grasmat vaak niet optimaal, dan is het slimmer om een aparte drogere zone voor scharrelen te maken en het gras vooral als rand of buitenperceel te gebruiken.
Hoe controleer ik of de pH klopt, en wat moet ik doen bij een te lage pH?
Meet jaarlijks de pH. Bij een pH lager dan 6 kun je kalk gebruiken om het te verhogen. Doe dit bij voorkeur wanneer je gras actief groeit en plan het uitrijden zo dat je kippen niet direct op het perceel lopen na het aanpassen, zodat jonge planten en de zode niet extra beschadigen.
Is gras als voer (pluimen of jong gras) hetzelfde als gras op de scharrelstrook onderhouden?
Nee, voergras is een aparte functie. Voor voer snijd je pluimen of jong gras kort (maximaal circa 5 cm) en bied je het in kleine stukjes aan, zodat het niet massaal op de grond komt en je de scharrelstrook minder snel verstoort. De onderhoudsaanpak blijft vooral gericht op rotatie, doorzaaien en hygiëne van de scharrelplek.
Ik wil koffiedik of ‘koffieprut gras’ inzetten, kan dat veilig op een kippenperceel?
Je kunt het gebruiken als grasachtige bodembedekker of groenaanvulling, maar behandel het niet als een volwaardige vervanging van grasbeheer. Gebruik het in beperkte, gelijkmatige hoeveelheden zodat het niet vormt tot een dikke laag die vocht vasthoudt of zuurstof beperkt, en voorkom dat poep en voer in directe contact komen met die bedekking.
Hoe voorkom ik dat kippen bij de uitbraak van kale plekken meteen alles weer opvreten voordat het gras vestigt?
Scherm herstellende stroken af of maak ze tijdelijk niet-toegankelijk, en houd minimaal 4 tot 6 weken tussen doorzaaien en betreding. Daarnaast helpt het om herstelde stukken tijdens rotatie in het rustperceel te laten vallen en om voer en water elders te plaatsen, zo blijft de belasting op de nieuwe zode laag.
Zijn er grassen of alternatieven die ik moet vermijden omdat ze gevaarlijk zijn voor kippen?
Vermijd niet alleen ‘gras’ maar ook ongewenste planten die giftig zijn voor kippen. Check regelmatig op planten zoals vingerhoedskruid, taxus, clematis en jakobskruiskruid, en verwijder ze handmatig. Een dichte, gezonde grasmat verkleint de kans op ongewenste soorten, dus doorzaaien en rotatie werken hier ook preventief.

Praktische stappen om gras en poep koekjes veilig op te ruimen, schade te herstellen en herhaling met huisdieren te voor

Stap-voor-stap gids voor gras kiemen: timing, juiste zaaidiepte en nazorg bij slecht kiemende plekken in NL.

Klachtencheck en directe zelfzorg bij kat gras in keel, inclusief spoedsignalen en tuinpreventie tegen pollen en grasspr

